FAQ Elektrische Fietsen
Wat is juist een elektrische fiets?
Elektrische fietsen (e-bikes, pedelecs) zijn een nieuwe en veelbelovende vorm van stedelijk transport. Ze bieden alle voordelen van een gewone fiets. Ze vormen immers een leuke vorm van lichaamsbeweging, laten toe gratis te parkeren, zorgen voor een nuluitstoot van broeikasgassen en geven de gebruiker de kans te ontsnappen aan de dagelijkse files. Tegelijkertijd elimineren ze het relatief gebrek aan kracht en prestaties, één van de belangrijkste nadelen van het traditionele fietsen. Met de e-bike wordt het even gemakkelijk en comfortabel om een heuvel op te rijden als om weer naar beneden te komen. In de stad betekent de elektrische fiets bovendien in de meeste gevallen ook een sneller transportmiddel dan de auto of het openbaar vervoer.
Fundamenteel bekeken is een e-bike niet meer dan een gewone fiets met een elektrische motor om bijkomende ondersteuning te verlenen. De gebruiker kan gewoon fietsen en alleen de motor inschakelen om hindernissen zoals tegenwind of hellingen te overwinnen, of kan de motor de hele tijd gebruiken om het fietsen gewoon minder inspannend te maken en daarom ook sneller en verder te fietsen. De beleving is bovendien ook helemaal anders dan met een scooter of een motorfiets. De elektrische ondersteuning is zacht en stil en vult de menselijke kracht aan in plaats van ze te vervangen.
Vormt het extra gewicht geen extra ballast om te trappen zonder hulpmotor?
Er is inderdaad een extra gewicht, maar de invloed daarvan blijft relatief beperkt. Het effect van het extra gewicht wordt ruimschoots gecompenseerd door de karaktereigenschappen van de fiets. Mensen geven duizenden euro's uit om bij werkelijke topfietsen enkele kilogrammen uit te sparen. Maar aangezien de fietser zelf gemakkelijk vijf tot zes keer meer weegt dan de fiets, maakt het extra gewicht in wezen weinig verschil.
Een zwaardere fiets zal het iets moeilijker maken om bergop te rijden, maar zal bergafwaarts iets sneller rijden. Op een vlak parcours is er echter nauwelijks een verschil te merken. De toevoeging van een motor en de batterijen zorgen voor een extra gewicht van tien tot twintig kilogram en heeft verrassend weinig effect op de bestuurbaarheid van de fiets. Bagage haalt dikwijls eenzelfde gewicht en heeft in veel gevallen wel een hinderend effect.
Het extra gewicht valt nog het meest op wanneer men de fiets moet opheffen of om één of andere reden moet dragen. Het gewichtsverschil kan bovendien een beetje onhandig aanvoelen. Maar dit extra gewicht wordt meer dan goedgemaakt door de prestaties van de e-bike bergop of tegen de wind in. Met een e-bike bereikt men zijn bestemming meestal 20 procent tot 30 procent sneller dan met een traditionele fiets.
Hoeveel energie gebruikt een e-bike?
Een gemiddelde fietser genereert een kracht van ongeveer 150 watt, wat overeenstemt met één vijfde van een paardenkracht. Vele fietsen tonen trouwens op een metertje het exacte vermogen dat wordt geproduceerd en geven de fietser een idee hoeveel kracht hij met zijn benen produceert. Een gezonde fietser kan gedurende een periode van tien minuten ongeveer 350 watt produceren en op piekmomenten enkele seconden lang 600 watt genereren. Bij een gewone snelheid is er sprake van 100 tot 200 watt.
Daaruit zou men kunnen besluiten dat 150 watt voldoende is om met een e-bike te rijden, maar zo eenvoudig ligt dat niet. Wanneer een fietser aan een helling begint, schakelt hij in een lagere versnelling en de snelheid zakt naar 10 tot 15 kilometer per uur om langzaam en met veel inspanningen naar boven te rijden. Maar wanneer een e-bike hetzelfde zou doen en in heuvelachtig gebied naar een wandelsnelheid zou terugschakelen, zou hij een weinig krachtige indruk maken.
Om bergop een snelheid te halen van ongeveer 30 kilometer per uur, is een vermogen van ongeveer 400 watt tot 500 watt vereist. Op een vlak terrein is 400 watt - ongeveer een halve paardenkracht - voldoende om een snelheid van ongeveer 40 kilometer per uur te halen. Auto's hebben meestal verscheidene honderden paardenkracht, maar rijden in de stad ongeveer aan dezelfde snelheid als de e-bike en buiten de stedelijke gebieden halen ze een snelheid die amper dubbel zo hoog ligt.
Herladen de batterijen tijdens het trappen?
Vreemd genoeg is dit één van de meest gestelde technische vragen, maar het toont aan hoe goed de voordelen en mogelijkheden van elektrische aandrijving zijn gekend. Deze vraag kan in de meeste gevallen dan ook bevestigend worden beantwoord, maar dat is alleen maar het geval wanneer de fietser een hogere snelheid haalt dan de elektrische motor zelf kan ontwikkelen.
Het herladen tijdens het trappen is trouwens niet echt de bedoeling van een e-bike, zoals dat wel het geval is met bijvoorbeeld een hybride auto. Een fietser gebruikt een gedeelte van de energie van de batterij om het fietsen gemakkelijker te maken en herlaadt het verschil nadien vanuit het stroomnet in plaats van onderweg harder te fietsen om het herlaadeffect te kunnen realiseren.
Ook het herwinnen van energie tijdens het regeneratief remmen, komt geregeld ter sprake. Het gaat daarbij om het recupereren van de kinetische energie die bij het afremmen wordt opgewekt. Indien de fietser een hogere snelheid haalt dan het maximum van de motor, begint die af te remmen en op die manier energie op te slaan in de batterijen, of men dat nu wil of niet.
Er kan ook energie opgewekt worden wanneer de fietser zelf beslist te vertragen en begint te remmen. Maar ook hier heeft men daarvoor een e-bike zonder vrijwiel nodig.
Hoe snel? Hoe ver? Hoeveel?
Deze cijfers verschillen van ontwerp tot ontwerp. De meeste commerciële e-bikes hebben zichzelf een snelheidsbeperking tot 25 kilometer per uur opgelegd om in regel te zijn met de Europese wetgeving. Een zelfgemaakte fiets kan met een maximum vermogen van 500 watt echter gemakkelijk meer dan 45 kilometer per uur halen.
De actieradius van de fiets wordt grotendeels bepaald door de capaciteit van de batterijen. Kleinere batterijen bieden een actieradius van 20 kilometer tot 30 kilometer aan. Zwaardere batterijen, goed voor 500 wattuur benaderen 40 kilometer tot 50 kilometer.
Ook de prijzen zijn heel variërend. De goedkoopste e-bike kost ongeveer 800 euro, maar voor de gemiddelde types moet een prijs tussen 1.200 euro en 1.600 euro betaald worden. De echte topmodellen vergen een investering boven de 2.000 euro. Ombouwpakketten om een gewone fiets van een elektrische aandrijving te voorzien, kosten van 900 euro tot 1.450 euro.
Kiezen voor een ombouwpakket of een afgewerkte e-bike?
Er zijn twee manieren om zich een e-bike aan te schaffen. Men kan kiezen voor een gewone fiets naar eigen keuze en vervolgens een ombouwpakket voor elektrische aandrijving installeren of men kan een e-bike van één van de gespecialiseerde producenten kopen.
Wie kiest voor een afgewerkte e-bike, heeft het gemak over een instapklaar exemplaar te beschikken, bovendien meestal voorzien van een garantie en een technische ondersteuningsservice. Bovendien heeft de gebruiker dan ook de beschikking over een systeem waarbij batterij, lader, fiets en motor optimaal zijn geïntegreerd tot een goed functionerend geheel.
Een ombouwpakket geeft de bezitter een quasi eindeloze keuze in types en stijlen van fiets en ervaren fietsers met eigen voorkeuren zullen hier dan ook gemakkelijker naar teruggrijpen. Bovendien kan dan ook gekozen worden voor een batterij met een capaciteit die het best beantwoordt aan de persoonlijke behoeftes van de bezitter op het gebied van actieradius, gewicht en snelheid. Verder kunnen er altijd aanpassingen worden doorgevoerd.
De installatie van het ombouwpakket zal echter vele geïnteresseerden afschrikken. Indien men enige kennis heeft over de fietsenmechaniek of een handige knutselaar is, valt de installatie in de meeste gevallen nochtans bijzonder goed mee.
Milieuvriendelijker dan een gewone fiets?
Het kan controversieel lijken, maar eigenlijk heeft een e-bike op het milieu een kleinere impact dan een gewone fiets. Een gewone fiets gebruikt immers het metabolisme van de mens om voedingsenergie om te zetten in werk. Dat zorgt voor een energie-efficiëntie van amper 25 procent. Maar de manier waarop voeding wordt geproduceerd - teelt, bemesting, transport, verpakking en bereiding - zorgt ervoor dat in dat voedingsproces slechts een efficiëntie van 10 procent wordt bereikt. Voor elke energie die een mens investeert in het fietsen, heeft hij dan ook 40 keer meer energie geconsumeerd.
Een elektrisch toestel haalt daarentegen zijn energie uit het stroomnet en slaat die op in een batterij. Die overheveling heeft een energie-efficiëntie van 60 procent tot 80 procent. Vervolgens wordt die energie weer getransporteerd naar de elektrische motor van de fiets, waarbij een efficiëntie van 75 procent wordt gehaald. Dat is een veel betere score dan die van de traditionele fiets.
Wanneer er rekening gehouden wordt met de fabricage en de recyclage van de batterijen, verbruikt een e-bike twee tot tien keer minder fossiele brandstoffen dan de traditionele fiets. Bovendien zetten e-bikes een hele groep mensen aan om te fietsen in plaats van de auto te nemen. E-bikes zouden zelfs 98 procent van de niet-fietsers kunnen aanspreken.
Zijn elektrische fietsen toegelaten op de openbare weg?
Voor fietsen of voertuigen gelijkgesteld aan fietsen die voldoen aan de Europese norm (max 250 wattmotor, cut off bij 25 kilometer per uur, pedelec - de motor mag enkel de trappers assisteren en moet door de trappers bediend worden) is in Belgie geen homologatie of bijkomende verzekering vereist. Er bestaat ook geen helmplicht.
[einde FAQ]
